Aandacht

“Ik mis je”, zuchtte je zacht fluisterend.
We zaten hand in hand en genoten van de zachte avond.
“Maar ik bèn er toch” antwoordde ik verbaasd.
“En toch mìs ik je” herhaalde je vastberaden.
Je keek mij plots heel ernstig aan.
“Ik mis je aandacht; zonder afleiding, zonder verstrooiing!” benadrukte je.
Met rode kaken verdoezelde ik mijn telefoon.

Advertenties